Degene die geknipt moest worden kreeg een bloempot op zijn hoofd, en vervolgens werd al het haar dat uitstak afgeknipt. Het bloempotkapsel van de man zorgde voor weinig werk. Er was niet veel behendigheid voor nodig. Aan de keukentafel kon de vrouw zelf kapper spelen. Algemeen in de tweede helft van de 19de eeuw. Ook nog populair op het platteland tijdens het interbellum.